9 hulplijnen voor de vraag: “Hoe bewerkt is dit product?”

9 hulplijnen voor de vraag: “Hoe bewerkt is dit product?”

Het verschil zien tussen onbewerkt en bewerkt eten is niet zo moeilijk en hier bewust tussen kiezen, kun je ook vrij gemakkelijk aanleren. Bepalen in welke mate een product is bewerkt (lees: hoe gezond het nog is) is echter een stuk lastiger.

Supermarktproducten geven namelijk niet direct prijs of een product licht of sterk is bewerkt, of iets er tussen in. Om hier achter te komen kun je de volgende aanwijzingen als leidraad gebruiken. Let op: dit is geen wetenschap maar slechts een hulpmiddel bij het vormen van jouw keuzes.

Stel jezelf de volgende vragen als je wilt weten hoe sterk een product is bewerkt.

1. Herken ik het product als iets oorspronkelijks?

Hét kenmerk van onbewerkte voeding is dat deze herkenbaar is in z’n oorspronkelijke vorm. Voorbeelden zijn: banaan, veldsla, walnoot, pijnboompit en chiazaad. Daarentegen is in sterk bewerkt eten geen enkele grondstof nog te herkennen. Daartussen zit dus een groot grijs gebied. Van licht tot middelmatig bewerkt en alles daaromheen.

Zo zijn (waarschijnlijk) gesneden andijvie, gerookte makreel en melk licht bewerkt, zongedroogde tomaat, pindakaas en vissticks middelmatig bewerkt en bouillonblokjes, chocolade en nagenoeg alle “pakjes en zakjes” sterk bewerkt.

Een dergelijk stempel geven is niet altijd even gemakkelijk. Wil je het zekere voor het onzekere nemen? Kies dan voor onbewerkt, en lees onderstaande tips.

2. Is het een gemaksproduct?

Een onbewerkt product is meestal niet zomaar te consumeren. Je moet er moeite voor doen zoals wassen, schillen of koken. En dan nog heb je een enkelvoudig product, zoals een aardappel, op je bord liggen.

Eerlijk eten kost dus moeite. Hoe minder moeite het kost, hoe groter de kans daarom is dat het product bewerkingen heeft ondergaan. Zo is witte snelkookrijst in een mum klaar. De bereiding van zilvervliesrijst kost daarentegen soms wel een uur. Witte rijst is dus meer bewerkt en dus ongezonder dan zilvervliesrijst (hetgeen de herkenbaarheid van het product ook onderschrijft, zie punt 1).

Pizza’s, kant-en-klaar-maaltijden en junk food zijn ultieme gemaksproducten en dus naar verwachting zeer sterk bewerkt.

3. Zijn er (overdreven veel) gezondheidsclaims?

Het is zeker geen hard bewijs, maar claims op de verpakking verraden veel over (geknoei met) de inhoud. Is een product sober verpakt en heeft het weinig “koop-mij-want-ik-ben-gezond-teksten”, dan is de kans groot dat je te maken hebt met een niet al te bewerkt product. Een blikje mais bijvoorbeeld zal niet snel schreeuwen om aandacht en schermen met gezondheidsclaims.

Daarentegen, hoe meer claims, zoals “gezond voor hart en bloedvaten”, “rijk aan vezels” maar ook “0% vet” een verpakking heeft, hoe groter de kans is op vele bewerkingen. Dit zijn namelijk claims die de voedingsindustrie nodig heeft om het verlies van voedingswaarde, als gevolg van het bewerken van hun producten, te compenseren.

Een goed voorbeeld hiervan is sinaasappelsap met toegevoegde vitamine-C. Verse sinaasappelsap barst normaliter van de vitamine-C. Het toevoegen van (synthetische) vitamine-C is dus alleen nodig om de tijdens het verwerkingsproces verdwenen vitaminen te compenseren.

Daarbij is de concurrentie in de voedingsindustrie moordend, waardoor fabrikanten (en dus niet zozeer de boeren die als in voorgaand voorbeeld mais produceren) elkaar proberen te overstemmen om aan te tonen dat je met een verantwoord product te maken hebt (wat dus meestal niet zo is).

4. Heb ik te maken met een gevestigd merk?

Hoe “groter” het merk, hoe groter de kans dat een product sterker is bewerkt. Van Calve tot Cruesli en van Mac Donald’s tot Subway: alle toonvoorbeelden van zwaar bewerkte producten. Boeren zaaien, oogsten en verkopen hun (onbewerkte) producten. Er wordt -gechargeerd- individueel een eenvoudig product geleverd met een winstmarge die voldoende is om de liefde voor het vak voort te zetten.

Bij de grote merken speelt er een heel ander spel. Het gaat letterlijk om het ontwerpen/samenstellen van een zo aantrekkelijk mogelijk product, tegen zo laag mogelijke kosten, zonder te letten op voedingswaarde en gezondheid (maar dit wel te claimen). Ofwel, het draait om niets anders dan geld.
De aandeelhouders willen simpelweg rendement halen. En, linksom of rechtsom, het management moet deze (zakelijke) uitdaging volbrengen om hun bonus veilig te stellen. De moordende concurrentie tussen de voedingsgiganten maakt dat er alleen maar meer geld naar marketing gaat en minder naar verantwoorde ingrediënten.

5. Hoeveelheid ingrediënten tel ik?

Onbewerkt eten kent in principe geen ingrediëntenlijst. Daarentegen, hoe meer ingrediënten op de verpakking staan vermeld, hoe bewerkter het product zal zijn. Elk ingrediënt heeft immers z’n eigen bewerking ondergaan (al is het maar wassen en snijden). Bovendien zegt het aantal iets over de mate van “geknoei” met een product.

Een bekende vuistregel is niet voor niets: koop liever geen producten met meer dan 5 ingrediënten. Heb je al eens gekeken hoeveel ingrediënten er in een kant-en-klare sandwich zitten? Lees eventueel eerst meer over het lezen van de ingrediëntenlijst.

6. Hoeveelheid ingrediënten ken ik niet?

Hoe meer ingrediënten er op de ingrediëntenlijst staan vermeld die jij niet kent (o.a. E-nummers), hoe bewerkter het product. Juist deze onbekende (tevens bewerkte) ingrediënten zijn vaak ter compensatie van de bewerking van de andere ingrediënten (verlies van vitaminen, smaak, geur, kleur of vorm). Heb je al eens gekeken hoeveel onbekende ingrediënten er in gemarineerde spareribs zitten?

7. Is er überhaupt een ingrediëntenlijst?

Producten waar de ingrediënten helemaal niet worden vermeld zijn waarschijnlijk zwaar bewerkt. Dit loopt uiteen van het koekje bij de koffie tot de snackbar om de hoek en de Kentucky fried chicken. Een broodje van Subway (40.000 vestigingen wereldwijd) bijvoorbeeld kan tot 105 ingrediënten bevatten. Veel bewerkter krijg je het niet.

8. Is de prijs opvallend laag?

De prijsstelling kan een aanwijzing zijn voor de mate van bewerking. Een goedkoop product noopt fabrikanten immers tot het gebruik van goedkope, bewerkte producten. Bij een duurder product zou een fabrikant eerder kunnen kiezen voor duurdere authentieke ingrediënten. Waarom denk je dat leverworst en kattenvoer voor één euro of wat per kilo van eigenaar kunnen wisselen? Punt 2 blijft echter van kracht dus een hoge prijs biedt zeker geen garantie.

9. Wat is de houdbaarheid?

Verse, onbewerkte producten zijn kort houdbaar. Daarentegen, hoe langer een product houdbaar is hoe waarschijnlijker dat het product meerdere bewerkingen heeft ondergaan. De langst houdbare melk zou daarom zomaar het minst gezond kunnen zijn.

Nogmaals, bovenstaande punten zijn slechts indicatoren, maar kunnen indien juist geïnterpreteerd veel prijsgeven over de kwaliteit van een product. Ze vormen in elk geval een belangrijk onderdeel van mijn geheim. Het kan echter bijvoorbeeld zijn dat grote merken voor jou juist wel wijzen op kwaliteit. Je bent in elk geval vast weer een stuk verder in de zoektocht naar jouw geheim!

Reageer
Met welk punt ben jij het (on)eens? Heb jij goede manieren om de mate van bewerking in te schatten? Geef je reactie!

 

Leuk stuk?